Bent u zover? Middagprogramma over de uitvoering van het akkoord tussen medisch specialisten en raden van bestuur

Drs. M. Sint, voorzitter raad van bestuur en J. den Boon, voorzitter medische staf Isala klinieken
Bent u zover? Wij gaan verder!’

“Gaat het wel werken? Ik geloof er niets van zonder dat ziekenhuizen en medisch specialisten samen zoeken naar wegen om de kosten van de gezondheidszorg te beteugelen.” Marjanne Sint van de Isala klinieken stak haar scepsis over de met de minister gesloten convenanten niet onder stoelen of banken. Volume en honoraria kun je niet met een deksel afsluiten, zegt Sint, er zal altijd ruimte moeten zijn om opgebouwde stoom te laten ontsnappen. En daar ligt een taak voor de bestuurders van het ziekenhuis.

De belangrijkste opdracht voor de bestuurder van een publieke organisatie is dat je goed moet weten wat de essentie is van je organisatie. Bij een ziekenhuis is dat de medisch specialist - en dus is je opdracht als bestuurder om er voor te zorgen dat bestuurders en medisch specialisten niet uit elkaar groeien. Dat is dus ook de keuze die bij Isala is gemaakt. Niet voor zbc’s, waarbij ziekenhuis en specialisten steeds meer uiteen groeien. Niet voor de bestuurlijk-organisatorische variant concern- of ketenvorming. Maar voor een organisatie waarbij bestuur en specialisten de handen ineen slaan en nog een stapje verder gaan dan alleen resultaatverantwoordelijkheid, namelijk samen risicodragend.

Innovatief blijven
In 2010 begon het ziekenhuis met de inrichting van resultaatverantwoordelijke eenheden (RVE’s) per specialisme, in combinatie met rendementsdeling. Isala gaat er daarbij van uit dat de artsen door twee factoren worden gestimuleerd: de zorg voor de patiënten en financiële overwegingen. De essentie van het systeem: de artsen staan aan het roer; zij hebben een doorslaggevende stem in de RVE, de RVE-manager is ondersteunend.
Per RVE worden afspraken gemaakt over het te behalen resultaat (zowel inhoudelijk als financieel), afgeleid van de verplichtingen van het ziekenhuis als geheel. Over investeringen wordt niet besloten aan de hand van het budget, maar aan de hand van de terugverdienkans: een investering die zichzelf binnen een jaar terugverdient, wordt altijd toegekend. Sint: “Binnen je budget blijven is geen verdienste. Het gaat er om te zorgen dat de organisatie innovatief blijft.”

Vezekeraars
Ook met de verzekeraars wil Isala nieuwe afspraken maken. Sint: “Wij willen tegen de verzekeraar kunnen zeggen: dit zijn de prestaties die je voor dat geld van ons mag verwachten. Wij zorgen voor zekerheid wat je aan ons kwijt bent, en hoe wij intern kosten en opbrengsten regelen is onze verantwoordelijkheid. Op die manier kunnen artsen en ziekenhuis samen werken aan kostenbesparingen, zonder last te hebben van het probleem dat ‘betalen per prestatie’ alleen maar leidt tot meer verrichtingen. En we hebben (en nemen) de ruimte om innovatief te zijn.”

Fundamentele herijking
Isala legt het zwaartepunt van de organisatie onomwonden bij de specialisten; “een fundamentele herijking van de relatie tussen medisch specialisten en ziekenhuis”, zoals zij het zelf noemen. Volgens Sint moeten bestuurders niet de illusie hebben dat zij het proces van bovenaf kunnen managen. “Van ons mag elke medisch specialist ook zelf bepalen hoe hij wil werken: in dienstverband of vrij gevestigd, risicodragend of niet. We willen verschillende vormen van participatie ontwikkelen, met een daarbij passende vorm van rendementsdeling.”
Terugkomend op het met de minister gesloten convenant zegt Sint aan het eind van haar betoog dat ze de gemaakte afspraken wel als een nuttige tussenstap beschouwt. “Integrale bekostiging en mogelijkheid tot winstuitkering: het biedt ons in elk geval ruimte voor ondernemerschap. En dat is winst.”

Nieuwbouw
J. den Boon, voorzitter van de medische staf, vult het verhaal van Sint aan. Hij benadrukt nogmaals het belang van de door Isala gemaakte keuze: de RvE’s zijn een succes omdat de voorzitter een medicus is die een doorslaggevende stem heeft. 2010 was een ‘leerervaringsjaar’ en nu worden daar conclusies uit getrokken. Die conclusies zijn bijvoorbeeld dat er zwaardere managers voor de RVE’s komen en dat er een directieraad komt met naast de raad van bestuur drie operationeel directeuren.
Financieel gezien zijn de spelregels heel werkbaar gebleken. Bovendien is gebleken dat door deze structuur de artsen ook echt meer gevoel krijgen voor de financiële aspecten van het ziekenhuis. Dat is in dit geval hard nodig, want Isala is bezig met nieuwbouw van het ziekenhuis, die in 2013 klaar moet zijn. De medische staf (292 stafleden en 36 vakgroepen) heeft zich volledig gecommitteerd aan de financiële doelstellingen voor de nieuwbouw. Den Boon: “De rendementsdeling brengt bewustzijn van kosten en baten tussen de oren bij de dokters.”

Zelf proces sturen
In 2009 zijn de eerste uitkeringen gedaan in het kader van de rendementsdeling. Van het positieve begrotingsresultaat is veertig procent beschikbaar voor rendementsdeling en dat was in 2010 602.000 euro. De RVE’s zijn vrij in de keuze waar zij het geld aan besteden. Dat kán dus ook zijn aan verhoging van de honoraria. Maar de besteding wordt wel openbaar gemaakt.
Inmiddels is binnen de Isala een CV opgericht, waar nu bijna alle maatschappen aan deelnemen. Dat leidt nu wel tot drie raden (VMS, collectief en RVE-voorzittersraad) en het idee is om op termijn de mogelijkheden te bezien om deze te laten fuseren tot één raad van medisch specialisten die meebesturen, mee investeren, mee risico lopen en mee profiteren. Samenvattend zegt Den Boon: “De kern is dat we het gevoel hebben dat we zelf het proces kunnen sturen. Dat is belangrijk.”
Standaardsite gemaakt met website software van Ziber | Webdesign SdH Vormgeving