Pieter Hasekamp, directeur Zorgverzekeraars Nederland: ‘Zorgverzekeraars hebben een spilfunctie - dat vind ik beter dan regisseur’
Vooroordelen, daar begint Pieter Hasekamp van Zorgverzekeraars Nederland deze dag zijn bijdrage mee. Zorgverzekeraars, zo zei hij, hebben vaak geen goed woord over voor medisch specialisten. Ze verdienen te veel, ze ondernemen zonder risico, ze hebben te veel macht en ze zijn onvoldoende transparant over kwaliteit. Maar als je medisch specialisten vraagt wat zij vinden van verzekeraars, dan zijn die verwijten eigenlijk precies hetzelfde. Het zou goed zijn als beide van die vooroordelen af kunnen stappen.
Sinds de invoering van het nieuwe zorgstelsel is er natuurlijk veel veranderd in de relatie tussen de twee groepen. Verzekeraars nemen hun nieuwe rol ook steeds actiever op: eerst met de geneesmiddelen, daarna met preferente aanbieders en nu ook met selectieve contractering. Die rol wordt vaak met de term regisseur aangeduid, maar Hasekamp spreekt liever van een spilfunctie, namelijk tussen klant en zorgaanbieder, waarbij de verzekerden steeds beter worden voorgelicht over service en kwaliteit van aanbieders. Die ontwikkeling speelt zich intussen wel af in steeds zwaarder economisch weer: de zorguitgaven zijn nu nog de enige die mogen stijgen. Dat zegt veel over de waarde die de samenleving er aan hecht, maar duidelijk is dat de groei zo niet verder kan gaan.
Druk op de beheerskosten Voor verzekeraars is de stand van zaken nu zo. Er is sterke premieconcurrentie en dus flinke druk op de beheerskosten (als indicatie: van de totale premie gaat 95 procent naar zorg, 4 procent naar uitvoering en 1 procent naar resultaat). De prestatiebekostiging leidt tot extra financiële risico’s en de solvabiliteitseisen zijn hoger. De nominale premiestijging 2012 zal beperkt zijn, maar we moeten niet vergeten dat de burger met het eigen risico, de pakketverkleining en de AWBZ veel meer aan zorg betaalt dan alleen die premie - nu al gemiddeld vijfduizend euro per volwassene per jaar. Rijkere ouderen betalen vaak veel minder dan hun zorg kost, arme studenten die nooit ziek zijn veel meer - wat aangeeft hoezeer de solidariteit onder druk staat.
Concentratie onontkoombaar Intussen vinden debatten plaats tussen verzekeraars en medisch specialisten over kwaliteit, soms een moeilijk te bepalen begrip. Concentratie van zorg is in ieder geval onontkoombaar en die ontwikkeling is, zo sloot Hasekamp aan bij Van der Wal, niet meer terug te draaien. De verschillen in sterftecijfers en complicaties tussen artsen die een verrichting vaak doen of weinig zijn echt te groot. Ook moeten de regionale verschillen veel kleiner worden, aldus Hasekamp. “Waarom kiezen ziekenhuizen in de ene regio bij aandoening aan de amandelen zo vaak voor dagopname en ziekenhuizen elders bijna nooit?”
De vooroordelen voorbij Hasekamp eindigde met een oproep tot het afleggen van de vooroordelen. Hij was helder over wat medisch specialisten van de verzekeraars mogen verwachten, zoals: selectieve inkoop gericht op het terugdringen van praktijkvariatie en op verbetering kwaliteit en doelmatigheid, druk op grotere kwaliteitstransparantie, maar ook het faciliteren van kwaliteitsverbetering en innovatie. Van de specialisten verwacht hij: inzicht in de geleverde kwaliteit, kostenbewustzijn (goedkoop waar het kan, duur waar het moet) en een continue inzet voor veiligheid, kwaliteit en innovatie. “Als we ons beiden aan die rollen houden, komen we de vooroordelen voorbij.” |